Leergang voor juristen en professionals in het primair, voortgezet en hoger onderwijs (in zes modules).

Leergang Onderwijsrecht

8,6 Cursisten beoordeling

< Terug naar resultaten

Leergang voor juristen en professionals in het primair, voortgezet en hoger onderwijs (in zes modules).

Doelgroepen:
Advocaat, Jurist overig
Ook interessant voor:
HBO-Jurist, (semi) Overheidsjurist, Gemeentejurist, Rechterlijke macht, Rechtsbijstandjurist
Aantal punten:
NOvA 30 J (PO)
Prijs: € 1.800,-
(excl. btw)
  • U dient voor deze leergang het Basisboek Onderwijsrecht - Frans Brekelmans, Pieter Huisman (SDU) aan te schaffen. Ook als u twee of meer 'losse' modules volgt.
Wil je deze cursus met een groep volgen? Vraag dan naar onze maatwerk opties
30
Omschrijving

Omschrijving

Leergang voor professionals in het onderwijs
Deze leergang onderwijsrecht is bedoeld voor juristen, maar ook voor bijvoorbeeld directies, stafleden van besturen en medezeggenschapsraden, die meer willen weten over de juridische kaders in het primair en voortgezet onderwijs, het middelbare beroepsonderwijs en het hoger onderwijs.

Het onderwijsrecht is een dynamisch rechtsgebied. De rechten en plichten van betrokkenen in het onderwijs zijn in uitgebreide, complexe en steeds veranderende regels vastgelegd. Wat is de rechtspositie van docenten, leerlingen en ouders? Hoe zit het met medezeggenschap en wat is ‘passend onderwijs’?

We geven een overzicht van de Wet op het primair onderwijs (WPO) en de Wet op het voortgezet onderwijs (WVO). Je krijgt inzicht in de rechtspositie van leerlingen, ouders, docenten, bestuur en medezeggenschapsraad. Daarnaast behandelen we thema’s als de toelating en de verwijdering van leerlingen, de mate van aansprakelijkheid van onderwijsinstellingen en de verplichtingen bij leerlingen met een handicap of ondersteuningsbehoefte. Aan de hand van oordelen uit de rechtspraak en klachten- of geschillencommissies maken we duidelijk hoe het recht op onderwijs in de praktijk invulling krijgt.

Cursusvorm
Deze leergang bestaat uit zes modules: zes bijeenkomsten van een dag. Vóór iedere cursusdag bereid je je voor met lesstof uit het studieboek en kun je een casus in uit je eigen praktijk insturen (facultatief). Voor deze cursus maken we ook gebruik van onze interactieve digitale leeromgeving.

Voor deze leergang is het nodig dat je het Basisboek Onderwijsrecht - Frans Brekelmans, Pieter Huisman (SDU) aanschaft. Ook als je losse modules wil volgen heb je dit boek nodig.

Het is - in bepekte mate - mogelijk om een module als losse studiedag te volgen. Een losse dag is alleen mogelijk in combinatie met het volgen van module 1. Om je hiervoor aan te melden, stuur je een e-mail naar info@osr.nl onder vermelding van Leergang Onderwijsrecht.

Docenten
Onze topdocenten uit de juridische praktijk weten uitstekend wat er speelt in het onderwijsrecht. Ze hanteren actuele casus en doceren met aanstekelijk enthousiasme. Om jou optimaal te laten leren, ondersteunen de docenten interactie tijdens onze opleidingen.

Wat leer je?
Na afloop van deze leergang:

- ben je op de hoogte van de structuur van de onderwijswetgeving in Nederland;
- heb je kennis van en inzicht in bestuur en medezeggenschap in onderwijsinstellingen;
- ken je de rechten en plichten van ouders en leerlingen in onderwijs en passend onderwijs;
- ben je op de hoogte van de rechtspositie van onderwijspersoneel;
- heb je kennis van de bekostiging van onderwijs en de Wet op het onderwijstoezicht (Wot)
- kan je deze kennis toepassen in je eigen praktijk.

Na afronding ontvang je:
- 30 PO-punten Deze cursus is door de NOvA erkend als PE-cursus;
- een certificaat.

Reactie oud-cursist
"Ik kwam vol energie thuis, na een dag vol met informatie. Het voelde als een cadeautje. Met veel plezier kijk ik uit naar de volgende bijeenkomsten."

Programma

Programma

Opzet van de leergang in het kort
- Je bereidt elke cursusdag voor aan de hand van een studieboek;
- Je kunt een of meer praktijkkwesties selecteren om vooraf in te sturen;
- De cursusdag bestaat uit behandeling van (een selectie van) de praktijkkwesties en uitleg van de leerstof.

Programma in het kort

Module 1: Overzicht van het onderwijssysteem en de onderwijswetgeving.
Module 2: Governance en Medezeggenschap
Module 3: Rechten en plichten in het onderwijs en passend onderwijs (PO/VO)
Module 4: Passend onderwijs mbo/ho en rechten en plichten hoger onderwijs
Module 5: Rechtspositie onderwijs en Professioneel gedrag personeel
Module 6: Aansprakellijkheid in het onderwijs en Toezicht

Hieronder vindt je de volledige beschrijving van het programma.

Module 1
Overzicht van het onderwijssysteem en de onderwijswetgeving.


Ochtend:
Prof. mr. M.T.A.B. Laemers
Inleiding/art. 23 Grondwet/Internationaal recht

De historische ontwikkeling van artikel 23 Gw - de verantwoordelijkheid van de regering voor het onderwijs - is van betekenis voor de huidige, wijzigende interpretatie van dat artikel door de wetgever. Aandacht wordt besteed aan drie belangrijke momenten in de geschiedenis van het grondwetsartikel: 1814, 1848 en 1917.

De arresten Maimonides en Hoornbeeck worden behandeld, alsmede enkele oordelen van het CRM (voorheen: Commissie gelijke behandeling).

De complexe structuur van het onderwijsrecht wordt geschetst aan de hand van de aanduiding van de relevante, uiteenlopende bronnen: Grondwet, sectorwetten, AMvB’s, ministeriële regelingen, gemeentelijke regelgeving, zelfregulering, beleidsregels, sectoroverstijgende wetten, en Europese en internationale verdragen. De laatstgenoemde bron van onderwijsrecht krijgt speciale aandacht door behandeling van de relevante artikelen. Twee uitspraken van het EHRM worden speciaal belicht: Leyla Sahin en Lautsi.

Middag:
prof.mr. P.W.A. Huisman
Overzicht van het onderwijssysteem en de onderwijswetgeving.

De wetgeving voor onderwijsinstellingen vormt voor buitenstaanders vaak een complex doolhof. Dit heeft onder andere te maken met de sectorale verdeling in het onderwijs, het feit dat publiek- en privaatrecht van toepassing is en de hoge omloopsnelheid van onderwijswetgeving. Ook voor praktijkjuristen is het van belang een algemene notie te hebben van de hoofdtrekken van het Nederlandse onderwijsstelsel en de hoofdlijnen in de onderwijswetgeving.

In de middag geven we een overzicht van de belangrijkste onderwijswetten, en uitwerkingen in lagere regelgeving. Ook de status en doorwerking van ‘soft regulation’, zoals codes en convenanten, komt aan bod.

We bespreken ook de casuïstiek die deelnemers mogelijk willen leveren. In de vervolgdagen wordt deze behandeld.

Module 2
Governance en Medezeggenschap


Ochtend:
Prof.mr. P.W.A. Huisman
Governance

Het bestuur van onderwijsinstellingen is de afgelopen jaren veranderd. Voor de praktijk is het van belang te weten wie waarvoor verantwoordelijk en aansprakelijk is. Deze module geeft een overzicht van de bestuurlijke inrichting van het Nederlandse onderwijs en de juridische positie van de actoren zoals een College van Bestuur. De inrichting van het bestel wordt complexer door veranderde wetgeving gericht op beter bestuur en intern toezicht en door het ontstaan van bovenbestuurlijke samenwerkingsverbanden.

Middag:
mr. W.D. Berkhout
Medezeggenschap

Hier behandelen we de specifieke regeling van de medezeggenschap in het onderwijs. Veel aandacht wordt besteed aan de Wet Medezeggenschap op Scholen (WMS), die de ongedeelde medezeggenschapsstructuur in het primair en voortgezet onderwijs regelt. In die sector is de Wet op de Ondernemingsraden (WOR) dus niet van toepassing. Het accent zal liggen op de samenstelling (ouders, leerlingen, personeel) en de bevoegdheden van de medezeggenschapsraad. Daarnaast geven we veel aandacht aan de geschillenregeling en de rechtspraak van de Landelijke Commissie voor Geschillen WMS en de Ondernemingskamer.

Kort besteden we aandacht aan de medezeggenschap in het Middelbaar Beroepsonderwijs, waar de WOR wel van toepassing is, echter met aanvullende bepalingen in de cao en een deelnemersraad. Tenslotte komt de medezeggenschap in het hoger onderwijs aan bod, waar de onderwijswetgeving een keuze biedt tussen gedeelde (vergelijkbaar met de WOR) en ongedeelde (vergelijkbaar met de WMS) medezeggenschap.

Module 3
Rechten en plichten in het onderwijs en passend onderwijs (po/vo)


Ochtend:
Prof.mr. P.W.A. Huisman
Rechten en plichten ouders/leerlingen/deelnemers rond toelating, verwijdering en beoordelingen (po, vo en mbo)

We bespreken de belangrijkste wettelijke bepalingen rond toelating, verwijdering en beoordeling en ook de jurisprudentie gebaseerd op deze wetgeving in het po en vo. Passend onderwijs komt hier nog niet aan bod. Daarvoor is een aparte module. We staan stil bij vragen als: op welke gronden kunnen leerlingen of studenten in het mbo worden geschorst of verwijderd? Welk toelatingsbeleid mag een school hanteren, bijvoorbeeld een lotingsysteem, en mag er een bijdrage worden gevraagd voor (extra) lessen? Wat houdt de onderwijsbijeenkomst in? Kan het gedrag van de ouder(s) ertoe leiden dat de leerling wordt verwijderd? Kan de school verbieden een leerling centraal schriftelijk examen te doen? Welke gevolgen heeft het gedrag van leerlingen buiten de school?

Onderdelen
- Regels rond toelating tot het onderwijs in het po en vo (m.u.v passend onderwijs mbo/ho, zie module 4)
- Bijdragen en plichten ouders
- Verwijdering en schorsing van leerlingen (tuchtmaatregelen), casuïstiek
- Rol schoolbeleid en interne gedrags- of kledingcodes
- Beoordeling en overgang van leerlingen (maatstaven voor becijferen, zittenblijven, toetsing en overgang tussen onderwijssectoren zoals vmbo-havo)
- Procedures en rechtsbescherming

Middag:
mr. M.W.A. Scholtes
Passend onderwijs primair en voortgezet onderwijs

In de eerste plaats bekijken we het thema passend onderwijs in zijn algemeen. Welke verwachtingen mogen ouders, leerlingen en leerlingen met een beperking koesteren, hoe vult de school zorgplicht in en tegen welke praktische hindernissen lopen daarbij op? Dit werken we vervolgens uit, aan de hand van de rechtspraak van met name de Geschillencommissie Passend Onderwijs (GPO) , de Landelijke Bezwaaradviescommissie Toelaatbaarheidsverklaring (LBT), de Geschillencommissie oogo-jeugdplan, de Geschillencommissie oogo-ondersteuningsplan en de Landelijke Arbitragecommissie Samenwerkingsverbanden passend onderwijs. In het bijzonder geven we aandacht aan de vraag welk gevolg de invoering van passend onderwijs heeft voor beslissingen over toelating en verwijdering van leerlingen.

Module 4
Passend onderwijs mbo/ho en rechten en plichten hoger onderwijs


Ochtend:
Prof.mr. P.W.A. Huisman
Passend onderwijs in mbo en ho

Wat zijn de verplichtingen van mbo- en ho-instellingen als het gaat om het bieden van passend onderwijs aan studenten met een beperking? Het centraal wettelijk kader hiervoor is de Wet Gelijke Behandeling op grond van Handicap of Chronische Ziekte. Op het programma staan de verplichtingen uit deze wet, de toepassing en de dilemma’s uit de praktijk en de verantwoordelijkheden van instelling en betrokken actoren zoals examencommissie. Uit de oordelen van onder meer de Commissie voor de Rechten van de Mens volgt een aantal randvoorwaarden bij de vraag of de student passend onderwijs wordt of kan worden aangeboden.

Onderdelen:
- Wettelijk kader WGB/CZ en verplichtingen
- Verplichtingen voortvloeiend uit de sectorwetgeving (WEB en WHW)
- Toepassing en casuïstiek (oordelen Commissie voor de Rechten van de Mens, jurisprudentie)

Middag;
mr. F.A.M. Hendriks
Rechten en plichten hoger onderwijs

In dit deel van de module staat het hoger onderwijs centraal. We bespreken de hoger onderwijswetgeving (met name WHW) en de positie van belangrijke actoren zoals instellingen, studenten, docenten, examencommissie en opleidingscommissie. Ook gaan we in op de rechtsbescherming. Aan de hand van de wettelijke bepalingen en kernjurisprudentie worden enkele thema’s behandeld die raken aan belangrijke rechten en plichten van studenten. Een greep uit mogelijke vragen: Welke (on)mogelijkheden zijn er om te selecteren aan de poort? Welke mogelijkheden hebben studenten om op te komen tegen beoordelingen waar zij het niet mee eens zijn? Hoe kunnen en mogen instellingen omgaan met frauderende studenten? Op welke gronden mogen studenten worden verwijderd van de instelling?

Onderdelen:
- WHW, actoren en rechtsbescherming
- Toelating en studiekeuze (matching)
- Beoordelingen van tentamens
- Fraude
- Verwijdering (onder andere judicium abeundi en bindend studieadvies)

Module 5
Rechtspositie onderwijs en Professioneel gedrag personeel


Ochtend:
mr. W. Lindeboom
Rechtspositie

In het ochtenddeel van deze module staat de positie van de onderwijswerknemer centraal. Wat zijn de verschillen tussen openbaar en bijzonder onderwijs? In hoeverre verschilt de arbeidsovereenkomst in het bijzonder onderwijs nog van overige werknemers met een arbeidsovereenkomst? Verder wordt aandacht besteed aan de totstandkoming van arbeidsvoorwaarden en met name aan bijzondere bepalingen in de verschillende cao’s die in het onderwijs van toepassing zijn.

Specifieke onderwerpen zijn de afvloeiingssystematiek in het primair onderwijs, het bindend advies van de commissie van beroep en de bovenwettelijke cao-regelingen in geval van werkloosheid en arbeidsongeschiktheid.

Middag:
Mr.drs. S. Kruithof
Klachtrecht en andere specifieke rechtsgangen in het onderwijs

Hier zal het accent liggen op de positie van de klachtencommissies, die op grond van de onderwijswetgeving in vrijwel elke onderwijssector verplicht is voorgeschreven. Welke klachten behandelen de klachtencommissies, welk reglement is van toepassing en wat is het civiele effect van het advies van de klachtencommissie? Daarnaast komen tijdens deze module nog aan de orde: overige rechtsgangen, zoals de Bezwarencommissies functiewaardering, de Landelijke Bezwarencommissie Schoolbestuursbeslissingen en de Commissie van Beroep Schoolleidersregister PO.

Module 6
Aansprakelijheid in het onderwijs en Toezicht


Ochtend
mr.dr. B.M. Paijmans
Aansprakelijkheid in het onderwijs

De aansprakelijkheid van scholen jegens leerlingen krijgt steeds meer aandacht, in elk geval in de media. Ouders en studenten lijken mondiger te worden en sneller een claim neer te leggen bij de onderwijsinstelling. In dit dagdeel wordt daarom ingegaan op deze specifieke aansprakelijkheid in het onderwijs, en daarbinnen op vier thema’s, namelijk: de aansprakelijkheid van onderwijsinstellingen (i) voor ongevallen, (ii) voor gymongevallen, (iii) voor pesten, misbruik en geweld, en (iv) voor de kwaliteit van het onderwijs.

Middag:
Prof. mr. M.T.A.B. Laemers
Toezicht/Wet op het onderwijstoezicht (Wot)

De Inspectie van het Onderwijs bewaakt de kwaliteit van het onderwijs en stimuleert scholen en instellingen deze kwaliteit te verbeteren. Het werkterrein van de inspectie strekt zich uit over voor- en vroegschoolse educatie, kinderopvang primair onderwijs, voortgezet onderwijs, speciaal onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs, hoger onderwijs, particulier onderwijs, internationaal onderwijs, Caribisch Nederland en de samenwerkingsverbanden po en vo. Het onderwijs verandert en het toezicht op het onderwijs verandert mee. De inspectie beschikt over handhavingsinstrumenten.

Behandeld worden:
De hoofdlijnen van de WOT:
- de veranderingen sinds de inwerkingtreding en de (beoogde) vernieuwing van het toezicht door ‘toezicht in transitie’ en het wetsvoorstel Bisschop.
- werkwijze Inspectie van het onderwijs in het po en vo
- zeer zwakke scholen
- toezichtskaders
- meting onderwijsresultaten
- interventies
- rechtsbescherming
- jurisprudentie (Ibn Ghaldoun en As Siddieq)
Accreditatie in het hoger onderwijs (NVAO)

Werkwijze
Deze leergang sluit volledig aan op de praktijk. Je gaat samen met vakgenoten concreet aan de slag met casus. Want leren doe je het beste met en van elkaar. Je krijgt daarbij ondersteuning van onze topdocenten. Boegbeelden van de juridische praktijk, die weten wat er speelt en met aanstekelijk enthousiasme doceren.

Materiaal
Voor deze leergang is het nodig dat je het Basisboek Onderwijsrecht - Frans Brekelmans, Pieter Huisman (SDU) aanschaft. Ook als je losse modules wil volgen heb je dit boek nodig.


oud:
Module 6
Bekostiging en Toezicht


Ochtend
Prof.mr. P.W.A. Huisman
Bekostiging en huisvesting in po en vo

Deze module behandelt het verschijnsel bekostigingsvoorwaarden in relatie tot de subsidietitel in de Awb. Hoe is de bekostiging in het onderwijs geregeld? Hoe zit het met verantwoording en terugvordering? In hoeverre moeten publieke en private geldstromen gescheiden worden? Aan de hand van wetgeving en (actuele) jurisprudentie worden enkele basisprincipes geschetst. Een apart onderwerp vormt de huisvesting. In het po en vo is dit een gemeentelijke taak. Ingegaan wordt op de actuele jurisprudentie en de reikwijdte van gemeentelijke bevoegdheden.

Docenten

Docenten

Brechtje Paijmans
advocaat bij Doelen Advocatuur te Utrecht, docent/onderzoeker aan de Universiteit van Utrecht

Dik Berkhout
is advocaat onderwijsrecht bij Jurion

Frank Hendriks
senior adviseur bij Hobéon

Marion Scholtes
is werkzaam bij Brussee Lindeboom Advocaten BV te Den Haag

Martijn Nolen


Miek Laemers
is werkzaam als hoogleraar onderwijsrecht bij de Vrije Universiteit te Amsterdam

Pieter Huisman
werkzaam als bijzonder hoogleraar Onderwijsrecht aan de Erasmus School of Law

Sanne Kruithof
is werkzaam bij Brussee Lindeboom Advocaten BV te Den Haag

Willem Lindeboom
advocaat bij Brussee Lindeboom advocaten te Den Haag, zijn specialisatie is Onderwijsrecht.

Contact

Contact

Voor meer informatie kun je contact opnemen met één van onze medewerkers van de klantenservice.